Tamara

schrijft

Maand: juni 2019

Mein Herz brentt

Bij deze eerste zin weet ik nog niet of ook de rest van de tekst zo nodig gedeeld moet worden met de wereld. Precies om de reden die ik al eerder aanhaalde: ik wil niet alleen maar die vrouw zijn die met haar dooie broertje bezig is. Want dat is niet zo, boek of geen boek. Koen is er elke dag maar dat wil niet zeggen dat ik alle dagen het leven met gebogen hoofd tegemoet treedt. Integendeel.

Maar vanavond… Misschien heeft de voorstelling van gister net iets te hard mijn litteken open gekrabt. Ik zou vanavond naar Herman Centraal gaan in Luxor maar besloot op het laatste moment thuis te blijven. Te warm, te moe, te geagiteerd, te weet-ik-veel.

En dus opende ik op dinsdagavond een biertje, plofte op de bank, keek Netflix, ruimde de keuken op, luisterde naar U2 op YouTube en betrapte mezelf plots op een ouderwetse jankpartij bij ‘sometimes you can’t make it on your own’ terwijl ik poëtische dingen dacht als: godverdegodver WAAROM ben je er niet meer?! Toen moest ik ook nog zo nodig Mosquito Song opzoeken van QOTSA, gedraaid op de crematie, en nu hoef ik mijn make up er niet meer af te halen voor ik straks ga slapen. Bovendien zal ik er morgen bijlopen alsof ik op beide ogen getimmerd ben. Thuiswerken op woensdagochtend kwam nog nooit zo goed uit.

Eva Nagel memoreerde gisteravond dezelfde uitspraak van Manu Keirse die ik ook aangehaald heb tijdens mijn lezingen: rouw is als een schaduw, soms ligt-ie achter je maar zodra je een hoek omslaat kan-ie opeens recht voor je liggen. Dat dus. Nu. Terwijl de zon al achter de flat op de Oude Kluizeweg gezakt is en geen schaduwen meer aflevert.

Van de weeromstuit ben ik op zolder gaan zitten, schrijf dit gezellige gedoetje van me af en draai keihard Rammstein. Maar echt hard. Asche zu Asche. Herzeleid. Het enige dat ik niet doe is toegeven aan de behoefte om mee te blèren; de buren zijn me lief en we wonen hier nog wel een tijdje. Rammstein als band staat nog weleens ter discussie maar ik neem hun teksten niet al te serieus (dan wel te letterlijk) en voor zover ik weet is dat terecht. Whatever, ik wil NU kabaal.

Koen kijkt me grijnzend aan, half verscholen achter de printer. Ja jongen, lekker bedankt hoor.

Na mijn liefde voor taal, komt liefde voor muziek. Dat ik muziek draai tijdens het schrijven is uniek. Normaal produceer ik in stilte. Muziek gooit mijn eigen woorden door elkaar, mengt ze met het ritme, de beats, andermans teksten. Maar nu komen mijn eigen gedachten er dwars doorheen.

Inmiddels ben ik redelijk gekalmeerd. En nu: Netflixen, een andere CD opzetten of een boek lezen in bed?

Rock & rouw

Een dood broertje hebben is best ingewikkeld. Niet alleen in de periode van ontwrichtende en eindeloos aanvoelende rouw, maar ook nu, elf jaar na dato. Koens afwezigheid is er elke dag. Hij is dood misschien wel aanweziger dan hij bij leven was. Ook voordat ik mijn boek uitbracht.

Ik schreef en schrijf over Koens overlijden om andere mensen die ook zoiets meemaken, herkenning en daarmee troost te bieden. Om het taboe op zelfdoding te helpen verkleinen en zo het aantal suïcides te helpen verlagen. En omdat ik het verlies van Koen iets minder zinloos wil maken.

Wat ik niet wil, is enkel gezien worden als nabestaande van zelfdoding. Of als een soort one-issue-woman. Tamara? Die praat alleen nog over haar dooie broertje en suïcidepreventie. De mensen in mijn directe kring weten dat dat niet zo is, dat ik geïnteresseerd ben in veel verschillende onderwerpen waar ik – afhankelijk van setting, stemming en specifiek thema – serieus of met geouwehoer met anderen over van gedachten wissel.

Maar hoe kom ik over op ‘de rest’? Zij die mijn blogs lezen, mijn berichten op Instagram, Facebook en LinkedIn? Ik weet niet eens wie wat leest, afgezien van de reacties die ik af en toe krijg. Biecht: soms post ik iets luchtigs op mijn kanalen, om duidelijk te maken dat ik echt niet hele dagen deze zware thema’s loop te herkauwen. Waarom wil ik dit zo nodig uitdragen? Voer voor psychologen denk ik. Of voor een avondje bieren aan de bar met goede vriendinnen. Kijk, doe ik het weer.

Ik denk dat veel mensen die rouwen om hun dierbare zich afvragen hoe lang ze hier over ‘mogen’ praten, hoe lang ze er aandacht voor mogen vragen. Wanneer moet de rouw volgens anderen klaar zijn en wordt het verlies van je geliefde een onderwerp dat je vooral voor jezelf houdt? Ik prijs mezelf gelukkig dat ik omgeven word door geweldige mensen waarvan er nog nooit één heeft laten merken dat ik er maar eens over op moet houden, over dat dooie broertje. Als ze het al dachten, hebben ze het voor zich gehouden. Sterker nog, ze beginnen er zelf over, ook na 11 jaar, 1 maand en 10 dagen. Fantastisch, dat is niet iedereen gegeven. Tegelijkertijd probeer ik zelf het Koenonderwerp ook te doseren, hetgeen best lastig is met de mooie activiteiten waar ik me sinds het uitkomen van mijn boek mee bezig mag houden.

Een mens kan ingewikkeld in elkaar steken, een rouwend mens misschien nog ingewikkelder. Maar ik denk dat niemand alleen als nabestaande van zelfdoding, rouwende of anderszins eendimensionaal door het leven wil gaan. Ik in ieder geval niet.

Hopelijk ben ik met mijn luchtige postings niet enkel bezig met het pimpen van mijn speciaalbierdrinkende rockchickimago (ah nee, dat zal toch niet?), maar geven ze ook een steuntje in de rug aan iedereen die zich herkent in mijn verhaal. Het wordt beter, er komt weer ruimte voor alles, echt.

Heb ik wel eens verteld dat ik een groot U2-fan ben?
(Foto: Sam Jones, via www.billboard.com)

© 2019 Tamara

Thema gemaakt door Anders NorenBoven ↑