Tamara

schrijft

Maand: juni 2013

Life is a bitch and then you die

Ik wil niet blijven zeuren over leeftijd in het algemeen en die van mij in het bijzonder, maar vorige week vrijdag werd ik door de krant van die dag weer uitgebreid geconfronteerd met het universele thema ‘de dood’. Dat laatste in relatie tot de vraag: is onsterfelijkheid mogelijk? Als je zoals ik de 40 gehaald hebt, weet je dat je op de helft zit. Dus een artikel over onsterfelijkheid trekt dan je aandacht. De mijne in ieder geval wel. Het ging onder andere over cryonisten: mensen die zich direct na hun dood laten invriezen in de hoop over ongeveer 80 jaar, met de techniek die dan beschikbaar is, ontdooid te worden en aan hun tweede leven te kunnen beginnen. In de VS bestaat een organisatie genaamd Alcor (http://www.alcor.org/), die dit mogelijk maakt. Je dient hiertoe jaarlijks contributie te betalen, en dan zorgen zij dat je na je dood wordt ingevroren en over 8 decennia – met een beetje geluk – weer tot leven wordt opgewarmd. In Nederland is de Dutch Cryonics Organisation opgericht en op hun site (http://www.cryonisme.nl/cryonics.php) leggen zij uit:

‘’Cryonics’, ‘cryonisme’ of ‘cryogene suspensie’ is een wetenschappelijk experiment, waarbij mensen die klinisch dood zijn worden ingevroren in vloeibaar stikstof (-196 oC) zodat hun lichaam vrijwel onbeperkt behouden blijft. De achterliggende hoop is dat in de toekomst de wetenschap zich ver genoeg zal ontwikkelen om de patiënt te kunnen genezen van de ziekte waaraan hij is overleden, zijn lichaam te verjongen en de gevolgen van het invriezen zelf ongedaan te maken.

Met nadruk wijzen we erop dat cryonisten zich er van bewust zijn dat cryonics een experiment is en dat er dus geen garanties zijn dat het zal lukken.’

Dat ik op de helft van mijn leven ben geeft me soms een opgejaagd gevoel, hoe gek dat ook moge klinken. Ik realiseer me steeds meer wat ik allemaal nog zou willen doen in dit leven. Bijvoorbeeld: een boek schrijven, misschien wel twee, gitaar leren spelen (de Fender ligt al te wachten), een ander beroep uitoefenen dan P&O-adviseur zoals schrijver, coach, architect, beeldend kunstenaar, cabaretier en topvolleyballer, met Roel en Vera veel mooie reizen maken, wijn leren drinken en Bono ontmoeten. Sommige dingen zijn nog te realiseren in dit leven. Maar sommige dingen niet. Zelfs niet in een volgend leven. Bono laat zich vast niet tegelijk met mij invriezen.

Hebben de cryonisten moeite met accepteren dat het leven eindig is, of zijn het mensen die de gok nemen onder het motto ‘we hebben niets te verliezen’? Mij fascineert vooral, stel dat ontdooien zonder al te veel schade lukt, welke ervaring dit oplevert. Ik stel mij na ontdooiing volstrekte overrompeling en onthutsing voor over hoe de wereld er dan uit ziet, en ook een onmetelijk verdriet omdat iedereen waar je van houdt er niet meer is. Wil je dat echt meemaken? Ik niet. Hoezeer ik ook wil dat het leven ons meer tijd zou gunnen dan de pakweg 80 jaar (als je mazzel hebt) die ons gegeven is, dan nog probeer ik te accepteren dat de dood bij het leven hoort. En dat dat klote is. Ik denk dat Boeddha het bij het rechte eind heeft: het leven is onvolmaakt, er bestaat lijden. De kunst is dat te accepteren. Daar heb ik hopelijk nog een jaar of 40 voor.

Mindful deel 3

Nog 1 les te gaan en de 8 mindfulnesstrainingen zitten erop. Eén van de opdrachten voor deze week is te evalueren wat je aan de training hebt gehad. Bemerk je een verandering sinds training 1?

Ik weet het nog niet. Maar er is me wel één ding opgevallen, meer dan voor ik de training volgde. Namelijk hoe mindful kinderen zijn. Ik beschreef al eens hoe mijn dochter vol aandacht een Liga koek at. Dankzij de training valt me op hoe zij de nieuwe dingen in haar leven met de grootst mogelijke belangstelling tegemoet treedt. Elke keer weer.

Met het mooie weer bivakkeren we regelmatig in onze tuin. In die tuin woont ook een duivenechtpaar. Het is woensdagmiddag. Ik zit op een dekentje op ons gazon en Vera op haar luier op de bestrating die langs het gazon loopt. Ze speelt wat met een emmertje, zoekt oogcontact met mij, grijnst haar 8 tanden bloot en speelt weer verder. Plots richt ze haar blik strak op een punt, zo’n anderhalve meter boven de grond. Ik volg haar blik en zie een dikke duif boven op het door mijn vader getimmerde vogelhuisje zitten. Het vogelhuisje hangt aan een tak en helt scheef onder het gewicht van de duif. Vera kijkt gebiologeerd naar het grijs gevederde beest en laat zich niet afleiden door mij, die zo nodig iets educatiefs moet roepen als: “Kijk eens Vera, wat is dat nou? Een grote vogel! Wat zegt de vogel dan?” Nee, ze kijkt en kijkt en kijkt, met een volstrekt neutrale gezichtsuitdrukking en bijna zonder met haar ogen te knipperen. De duif besluit na een halve minuut dat het tijd is om te gaan en met flink wat geklapwiek stijgt ze op, verplaatst zich eerst naar links en dan naar rechts, om uiteindelijk te landen in één van de bomen in onze tuin. Vera volgt de duif zonder een moment haar aandacht te laten verslappen. Zodra de duif uit beeld is buigt ze zich weer over haar oranje emmertje. Ook een zeer interessant object tenslotte.

De nieuwsgierigheid van mijn dochter lijkt grenzeloos. Alles wil ze aanraken, bekijken, in haar mond stoppen en uitproberen. Soms vermoeiend, maar vaker nog grappig en ontwapenend. Ik probeer me door haar te laten inspireren en zelf ook naar de alledaagse dingen te kijken alsof ik ze voor het eerst zie. Zo fietste ik jarenlang argeloos voorbij ontelbaar veel bomen, negeerde ik de vogels in alle maten en kleuren, viel me niet op hoeveel mensen hun hond uitlaten en hoeveel verschillende soorten grassprietjes er zijn in alle prachtige parken die Arnhem rijk is. Mijn zintuigen worden veel meer gebruikt en dat bevalt prima.

Ik geloof dat ik een deel van de evaluatie zojuist heb opgeschreven.

© 2019 Tamara

Thema gemaakt door Anders NorenBoven ↑